Infinitiefdurer
Tegenwoordig deelwoorddurant
Voltooid deelwoordduré

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jedure
tudures
il, elle, ondure
nousdurons
vousdurez
ils, ellesdurent

Onvoltooid verleden tijd

jedurais
tudurais
il, elle, ondurait
nousdurions
vousduriez
ils, ellesduraient

Verleden tijd

jedurai
tuduras
il, elle, ondura
nousdurâmes
vousdurâtes
ils, ellesdurèrent

Toekomende tijd

jedurerai
tudureras
il, elle, ondurera
nousdurerons
vousdurerez
ils, ellesdureront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jedure
que tudures
qu'ildure
que nousdurions
que vousduriez
qu'ilsdurent

Onvoltooid verleden tijd

que jedurasse
que tudurasses
qu'ildurât
que nousdurassions
que vousdurassiez
qu'ilsdurassent

Voorwaardelijke wijs

jedurerais
tudurerais
il, elle, ondurerait
nousdurerions
vousdureriez
ils, ellesdureraient

Gebiedende wijs

(tu)dure
(nous)durons
(vous)durez

Vertalingen

Catalaans
durar
Duits
dauern; währen
Engels
to last
Spaans
durar
Italiaans
durare
Nederlands
aanhouden; duren; voortduren
Portugees
durar